Afbeelding

Column Martien: S’autopeluredebananiser

Nieuws Column

Fré, een kameraad van mij, heeft ooit tegen mij gezegd dat als hij mij zag dat we het vooral over taal hadden, terwijl als hij onze Mark tegenkwam dat zij het veeleer over vrouwen hadden. Ik weet niet hoe mijn gedachtegang ineens bij deze anekdote kwam, maar het komt wel goed uit. Binnenkort gaat hij trouwen, en een vermelding in mijn column is natuurlijk wel een leuk huwelijkscadeau. Onlangs zat ik met onze Mark op een terras, en toen hadden we het wel degelijk over taal. We hadden het over het feit dat ze in Quebec flexibeler en origineler met de Franse taal omgaan dan in Frankrijk. Hij haalde het voorbeeld s’autopeluredebananiser aan. Dat woord kun je als volgt ontleden: s’auto betekent zichzelf. Pelure de banane is bananenschil. De laatste vier letters iser is de uitgang die ze er in Quebec achter hebben gezet. Waar werkwoorden in het Nederlands op -en eindigen, eindigen ze in het Frans vaak op -er. Vrij vertaald komt het woord erop neer dat je jezelf een bananenschil voor de voeten gooit. Een mogelijk Frans alternatief is se peinturer dans le coin. Dat betekent jezelf in de hoek schilderen, waardoor je nergens meer naartoe kunt. Jezelf in de nesten werken dus. Onze Mark vindt het Frans in Quebec een stuk mooier dan het Frans dat ze in Frankrijk spreken. Met s’autopeluredebananiser in je vocabulaire heb je daar wel een sterk argument voor. Ons pap vond het Frans in Parijs veel mooier. Ik denk dat het aan je eigen ervaringen ligt, maar misschien ook wel aan je leeftijd of generatie. Zo heb ik onlangs ergens gelezen dat jongeren van de generatie Z, tieners en mensen net iets ouder dan 20, het moeilijk zouden hebben met het gebruik van een punt in een tekst. Die punt zou te hard overkomen en te definitief zijn in een chatgesprek. Dat gevoel zou komen door het gebruik van korte tekstberichten, waarbij het gebruik van leestekens er eigenlijk niet toe doet. Nu heb ik het maar gewoon ergens online gelezen, dus ik weet niet zeker of het waar is. En tegenwoordig kan iedereen zomaar zijn mening geven op het internet, dat doe ik per slot van rekening ook in deze column. Maar ik, als taalcolumnist en zoon van mijn vader die zich tijdens zijn werk bij het Eindhovens Dagblad ook behoorlijk kon opwinden over taalfouten, kan nog geen afscheid nemen van de punt. Ik gebruik die definitieve punt dan ook altijd. Of zoals ze hem in het Frans noemen, le point final.