
10,8 miljoen Nederlanders lezen huis-aan-huis-krant
NieuwsLaarbeek – 10,8 miljoen Nederlanders van 13 jaar of ouder leest een huis-aan-huisblad. Alle doelgroepen (leeftijd, geslacht, inkomen en opleiding) worden bereikt. 56% procent leest driekwart of meer van een nummer. Dat blijkt uit een inventarisatie van het Nationaal Media Onderzoek (NMO).
Het NMO meet en rapporteert het gezamenlijke bereik van televisie, radio, print en online. Zij concludeert dat huis-aan-huisbladen een massamedium zijn, dat inspeelt op de behoefte van de Nederlanders.
Onderzoek van het Commissariaat van de Media, in opdracht van onder meer de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) wees eind vorig jaar al uit dat huis-aan-huisbladen, als DeMooiLaarbeekKrant en het Gemerts Nieuwsblad, in ons land de belangrijkste lokale nieuwsbronnen zijn. Regionale dagbladen staan op de tweede plek en op ruime afstand volgen de regionale omroepen, nieuws vanuit de gemeente direct, lokale omroepen, zoekmachines en betaalde nieuwsbladen. De huis-aan-huisbladen worden ook gelezen door inwoners die minder dan gemiddeld geïnteresseerd zijn in nieuws en informatie.
Dat het effectieve bereik hoger is dan andere media, komt omdat de kranten gratis huis-aan-huisbezorgd worden, een sterke lokale identiteit en herkenbaarheid en een hoge dichtheid aan nieuws en informatie hebben, die lokaal in een behoefte voorziet.
Het onderzoek van NMO bevestigt dat. 78% van de Nederlanders van 13 jaar en ouder heeft interesse in lokale evenementen en activiteiten, 74% heeft interesse gemeentelijk nieuws en aankondigingen en 68% procent heeft interesse in lokale cultuur en sport.
Huis-aan-huiskranten worden intensief gelezen. 56% leest driekwart of meer van een nummer. 76% leest het lokale nieuws- en informatiemedium alleen op papier. 20% op papier en digitaal en 4% alleen digitaal.
De uitkomsten van de onderzoeken zijn niet verrassend voor de samenwerkende uitgevers van DeMooiLaarbeekKrant en het Gemerts Nieuwsblad. “Het is een bevestiging van wat we al wisten en een compliment aan ons team en iedereen die eraan bijdraagt om van onze titels een succes te maken”, geeft Mark Barten (GoedeMorgen Media) aan. “Onze kranten en nieuwssites hebben een hoog effectief bereik. Dat komt omdat we nieuws en informatie uit de eigen gemeente gratis bereikbaar maken. Dat doen we breed, via print, web en app en met aandacht voor de verschillende kernen en interessegebieden: interviews met mensen van alle leeftijden die een verhaal te vertellen hebben, aandacht voor sport, cultuur en activiteiten, gemeente en politiek, ondernemersnieuws, maar ook familieberichten en advertenties. Een goede lokale nieuws- en informatievoorziening draagt bij aan de lokale leefbaarheid. Het versterkt de onderlinge samenhang en helpt om verenigingen, voorzieningen, winkels, horeca en bedrijven in stand te houden. Samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners lukt het om een maatschappelijk bindmiddel te zijn. Het is een gezamenlijke prestatie van de gemeenschap.”
Marcel Bosmans (Gemert Media) beaamt dat. “Ik ben ervan overtuigd dat we in Laarbeek en Gemert-Bakel, boven het landelijke gemiddelde scoren. We investeren meer dan gemiddeld in eigen redactie en in onze online platforms. De apps die we dit jaar gelanceerd hebben en die al duizenden keren gedownload zijn, zijn daar goede voorbeelden van. Daarmee zitten we landelijk in de kopgroep.”
Volgens Karel van Deurzen (GoedeMorgen Media) is samenwerking ook een sleutel tot succes, als er voor alle betrokken een win-win gecreëerd kan worden. Dat doen we onder andere door partnerschappen aan te gaan met maatschappelijke en professionele organisaties, door kennis en kunde te delen, door stages en leertrajecten aan te bieden en door lokale ondernemers breed te ontzorgen op het gebied van media, reclame en communicatie.”
Wat Rob Vlemmings (Gemert Media) wel verbaast is dat de landelijke politiek beleid ontwikkelt om de lokale journalistiek te versterken, maar de belangrijkste lokale informatiebronnen - huis-aan-huisbladen en regionale dagbladen met eigen online mediakanalen- niet of nauwelijks daarin meeneemt. “Brancheorganisaties en collega-uitgevers vragen daar terecht aandacht voor. “Als iets goed is, zorg je er toch voor dat het goed blijft en nog beter kan worden? Waarom zou je iets anders willen optuigen waar geen behoefte aan is, dat zich niet bewezen heeft, niet lokaal, maar streekgericht is en zwaar gesubsidieerd de advertentiemarkt op mag gaan? We geloven in onze eigen kracht, maar willen we in de toekomst van meerwaarde blijven in Gemert-Bakel, dan moet er op landelijk niveau wel eerlijk spel worden gespeeld.”
Het Nationaal Media Onderzoek (NMO) is een initiatief van de organisaties voor mediabereiksonderzoek in Nederland: Stichting KijkOnderzoek (SKO), Stichting Nationaal Luister Onderzoek (NLO), Stichting Nationaal Onderzoek Multimedia (NOM) en de Verenigde Internet Exploitanten (VINEX). Via deze organisaties zijn alle grote Nederlandse media-exploitanten en omroepen betrokken, alsmede de bond van adverteerders (BVA) en het Platform Media Adviesbureaus (PMA).

